Tekencomputer

20 minuten

Computers volgen instructies op. Een precieze instructie geven is moeilijker dan je denkt. Probeer iemand maar eens een tekening na te laten tekenen zonder dat die persoon het plaatje ziet. Hij of zij mag alleen precies tekenen wat jij zegt.

Wat heb je nodig?

Aan de slag

Stap 1

Vraag een vriendje of vriendinnetje of hij of zij een tekencomputer wil spelen. Dat betekent dat diegene niet zelf na kan denken, maar alleen maar kan tekenen wat er wordt verteld.

Stap 2

Maak een simpele tekening die alleen uit lijnen bestaat. Bijvoorbeeld een huis, een berg, een boom of een stokpoppetje. Houd de tekening geheim!

Stap 3

Geef de tekencomputer (je vriendje of vriendinnetje dus) een pen en papier. Probeer hem of haar jouw tekening zo precies mogelijk na te laten tekenen. Maar alleen door instructies te geven, je mag niets laten zien. Zeg bijvoorbeeld: “Teken een rondje.” De tekencomputer mag alleen precies tekenen wat jij zegt en niet zelf dingen verzinnen.

Stap

Wat weet je nu?

Je ziet dat het moeilijk is om stapje voor stapje en op een begrijpelijke manier te vertellen wat er gebeuren moet. Je tekencomputer tekent precies wat jij zegt. Als je iets vergeet of niet goed vertelt, lukt de tekening niet.

Dat gebeurt ook bij het programmeren van een computer. Als je een programmastap vergeet of je beschrijving is onduidelijk of niet volledig, dan doet de computer niet wat je zo graag had gewild. Programmeren is een precies werkje.