Ga direct naar hoofdinhoud
Story

Zo werkt de Bioto plantenluisteraar

Meten

Op het dak staat een meetpaal: de Bioto plantenluisteraar. De plantenluisteraar verzamelt voortdurend gegevens over de omgeving, zoals temperatuur en vochtigheid. Omdat zulke omstandigheden het leven op het dak beïnvloeden, helpen de metingen te verklaren wat er in de directe omgeving gebeurt.

Omgeving

De plantenluisteraar meet de omgeving. Hier gebeurt van alles. Het wordt warmer of kouder. De lucht wordt droger of vochtiger. Na regen blijft water soms dagen in de bodem zitten. Zulke veranderingen zijn precies te volgen door sensoren.

Sensoren

In de plantenluisteraar zitten meerdere sensoren verstopt. Elke sensor meet iets anders in de omgeving.

Data

De sensoren sturen hun metingen via de Bioto-database door naar het dashboard. Elke meting krijgt een tijdstip. Zo is precies te zien wanneer iets verandert, en hoe snel dat gaat. Over langere tijd kun je ook patronen herkennen, bijvoorbeeld tussen seizoenen.

Bioto

De plantenluisteraar is onderdeel van Bioto. Bioto plaatst meetpunten op allerlei plekken in Nederland. Zo zijn metingen van uiteenlopende omgevingen met elkaar te vergelijken.

Bioto gebruikt deze gegevens om te leren van verschillende plekken. Zo wordt duidelijk hoe groene plekken reageren op het weer en op veranderingen in het klimaat.

Meetbare gegevens

De sensoren meten geen planten of dieren. Ze meten omstandigheden zoals warmte, vocht en licht. Met die gegevens kun je wél iets zeggen over planten en dieren.

Verbanden

De gegevens over het weer vertellen iets over wat er mogelijk is op het dak. Planten kunnen alleen groeien als er genoeg water in de bodem zit. Insecten worden pas actief boven bepaalde temperaturen. Schimmels breken materiaal sneller af bij veel vocht.

Patronen

Door metingen te volgen in de tijd ontstaan patronen.

Je ziet bijvoorbeeld hoe snel de bodem opdroogt na regen, of hoe warm het dak wordt op zonnige dagen.

Bekijk het volgende verhaal