Eerder zingen
Sommige stadsvogels beginnen eerder op de dag te zingen dan hun soortgenoten buiten de stad.
Dat doen ze omdat het in de vroege ochtend rustiger is. Door eerder te starten, wordt hun zang minder overstemd.

In de stad is het zelden helemaal stil. Achtergrondgeluid van het verkeer of machines is er vrijwel de hele dag.
Voor vogels is geluid belangrijk. Ze gebruiken zang om hun territorium af te bakenen of om een partner te vinden.
Sommige stadsvogels beginnen eerder op de dag te zingen dan hun soortgenoten buiten de stad.
Dat doen ze omdat het in de vroege ochtend rustiger is. Door eerder te starten, wordt hun zang minder overstemd.

In een lawaaiige omgeving helpt het ook om hoger of luider te zingen. Lage tonen vallen sneller weg bij veel omgevingsgeluid. Sommige vogels, zoals koolmezen, zingen in hogere tonen waardoor ze goed te horen zijn.

Straatverlichting maakt de nacht minder donker. Sommige vogels blijven daardoor langer actief ’s avonds. In verlichte straten of langs pleinen kun je soms nog zang horen terwijl het in donkere gebieden al stil is. Hun dagritme verschuift mee met het licht.
De stad biedt veel kansen. In parken en tuinen groeien andere planten dan in natuurgebieden. Mensen laten etensresten achter, en op pleinen of bij terrassen is vaak voedsel te vinden.

Niet alle soorten vogels kunnen omgaan met de drukte van de stad. De soorten die daar flexibel in zijn zie je vaker in drukke straten en parken. Andere soorten komen vooral voor op stillere plekken, of blijven helemaal weg van de drukte.

Bekijk het volgende verhaal